Hoe maken we morgen beter?

Geen dag spijt
gehad van de overstap

Annelies Koeken

Complexe organisatie

Bij het overwegen van haar opties buiten het bedrijfsleven zette Annelies voor zichzelf een aantal eisen op papier. “Ik wilde gaan werken in een complexe organisatie waarbij je echt iets voor een ander kan betekenen. Dat werd het ziekenhuis, mede doordat zij op dat moment actief aan het werven waren onder mensen die niet uit de zorg kwamen. Qua complexiteit van de organisatie ben ik  niet teleurgesteld. Je hebt te maken met een bijzondere organisatiestructuur, met een spanningsveld tussen de hoeveelheid geld die je nodig hebt versus het bedrag dat beschikbaar is, met technologische ontwikkelingen én met andere spelers binnen de zorgketen, zoals huisartsen en thuiszorgorganisaties. De zorg verandert en die moeten we steeds slimmer organiseren.”

Frisse blik

“Ik zeg wel eens gekscherend dat ik de enige hier op de afdeling ben die niet kan reanimeren. Als je vanuit een andere branche komt, zeggen sommige termen je in het begin niets. Maar de frisse blik die je meebrengt, is wel heel waardevol. Waarom faxen we soms nog? Waarom sturen we nog brieven voor een afspraak? Hoe kunnen dingen beter en makkelijker? Verandermanagement – één van mijn taken – betekent niet: met de botte bijl door processen heengaan, maar jezelf en je collega’s een spiegel voorhouden en je af blijven vragen waarom je dingen op een bepaalde manier doet. Daarvoor is binnen de open cultuur van Bravis altijd ruimte.”

Innovatie

Annelies is onderdeel van BRAVE, het innovatieplatform van Bravis, dat medewerkers én patiënten helpt bij het toepassen van nieuwe ontwikkelingen. “Dat kan van alles zijn. Een webcamconsult, maar bijvoorbeeld ook een VR-bril voor mensen met prikangst of een iPad die mensen na een hersenbloeding helpt met spraakoefeningen. Het gaat vaak om hulpjes die niet de zorg vervangen, maar wel iets nieuws toevoegen. Het hoeft ook niet altijd high tech te zijn. Op de geriatrische afdeling hebben we een hometrainer met beeldscherm, waarop ouderen door hun vertrouwde omgeving kunnen fietsen.”

Geen idee is te gek

BRAVE laat zich leiden door vragen van medewerkers en patiënten. “En we staan overal voor open. Als iemand enthousiast is over een ontwikkeling die hij ergens heeft gezien of een idee heeft, gaan we daar altijd serieus mee aan de slag. Geen enkel idee is te gek, out-of-the-box denken moedigen we aan. Een goed voorbeeld is de digitale stilteplek. Een stilteplek is meestal een fysieke plek waar je heen moet, maar één van onze eigen geestelijk verzorgers stelde de vraag: kunnen we niet op een online plaats ook steun en troost bieden? Het resultaat is een website waar mensen bijvoorbeeld digitaal een kaarsje kunnen branden. Het is uniek in Nederland en voorziet echt in een behoefte.”
 


Meebeslissen

“In vergelijking met toen ik hier veertien jaar geleden kwam werken, is de zorg in het ziekenhuis enorm veranderd. Patiënten die hun eigen digitale patiëntendossier kunnen inzien was toen bijvoorbeeld nog ondenkbaar, verregaand meebeslissen over je eigen zorgproces ook. En er gaat de komende tijd nog veel meer veranderen. We zetten steeds meer in op preventie en interventie. Het ziekenhuis van de toekomst wordt een plek waar je behandeld wordt, waarna het herstel vaak elders plaatsvindt.

Technologie

“Voor mijn eigen afdelingen ligt de acute zorg nog vooral binnen het ziekenhuis; op de ICU/CCU kun je de zorg niet naar huis verplaatsen en zijn patiënten vaak ook niet in staat om mee te denken over de zorg. Maar ook hier hebben patiënten of hun familie zoveel mogelijk een stem en gebruiken we moderne technologie om de zorg te verbeteren. We hebben hier bijvoorbeeld een nazorgteam, dat onze patiënten naderhand helpt bij de verwerking van wat er gebeurd is. Zij hebben sinds kort de beschikking over een 360-gradenfilmpje van de afdeling waarmee ze kunnen laten zien hoe de kamers en de apparatuur eruit zien. Zeker wanneer iemand zich de opname niet meer kan herinneren, kan dat helpen bij de verwerking. Op onze afdeling opgenomen worden is vaak namelijk écht een kwestie van leven en dood. Dat ik kan bijdragen aan zorg voor patiënten op zo’n levensveranderend moment geeft mij dan ook veel voldoening. Meer dan werken in de zakenwereld ooit heeft gedaan.”